Het verzet
ta
ta

Tonny van Renterghem

Tonny van Renterghem werd geboren op 28 juni 1919 in Amsterdam en was de zoon van een Amsterdamse tandarts. Van Renterghem volgde na zijn HBS-opleiding aan het Amsterdams Lyceum en het Hervormd Lyceum te Amsterdam, waar hij het eindexamen behaalde, de opleiding aan de School Reserve Officieren der Cavalerie (SROC) in Amersfoort onder commandant, toen ritmeester jonkheer C.F. Pahud de Mortanges, de wereldberoemde ruiter, die viermaal een gouden medaille haalde bij de Olympische Spelen. Daarna deed hij de officiersopleiding onder bevelhebber luitenant-kolonel J.J. Teding van Berkhout.

Tijdens de Duitse aanval op Nederland was Van Renterghem kornet en commandant van het tweede peloton van het tweede eskadron van het eerste Regiment Huzaren Motorrijder (1-RHM) bij de Cavalerie van het Nederlandse leger, waarin hij acht jaar diende, inclusief de vijf jaren in het verzet tijdens de Duitse bezetting. Van 10 mei tot en met 14 mei 1940 voerde hij zijn peloton aan in man-tegen-man gevechten met de Duitse parachutisten in de regio Den Haag en nam hij deel aan de strijd tegen een groep Duitse eliteparachutisten, die in de omgeving van Den Haag waren gedropt om koninign Wilhelmina gevangen te nemen. Na de capitulatie van de Nederlandse troepen werd hij gevangen genomen, maar werd uit krijgsgevangenschap ontslagen bij de vrijlating van alle Nederlandse krijgsgevangenen.

Tonny van Renterghem als officier van de generale staf van prins Bernhard

Na de capitulatie kwam Van Renterghem via leerlingen van het Amsterdams Lyceum en vrienden uit het leger en de marine in contact met de Ordedienst (OD). Kopstukken van de eerste OD-groep waren P.M.R. Versteegh en jonkheer J. Schimmelpenninck.

Van Renterghem werd in 1940 actief als verzetsman voor de OD, hij begon met een aantal jonge militairen in Den Haag samen te werken, zoals kornet van de cavalerie Frithjof Dudok van Heel en adelborst Kick Overhoff. Zijn eerste schuilnaam was "Louis Johannes Baerken"; om veiligheidsredenen gebruikte hij net als ritmeester jonkheer P.J. Six, de leider van de tweede OD-groep, verschillende andere schuilnamen zoals "Charles de Ridder".

Van Renterghem werd ter dood veroordeeld met de eerste OD-groep, maar wist aan de Duitsers te ontsnappen. Tijdens het eerste OD-proces werden in totaal 80 beklaagden ter dood veroordeeld. Van zeven van hen werd de doodstraf na een gratieverzoek omgezet in levenslange tuchthuisstraf. Een van de terdoodveroordeelde kreeg uitstel van executie wegens ziekte. De 71 andere slachtoffers werden op 3 mei 1942 in Sachsenhausen gefusilleerd.

Tonny Renterghem kreeg les van de ondergedoken Duits Joodse regisseur dr. Ludwig Berger, zij begonnen een toneelgroep aan de Vondelstraat in Amsterdam. Nadat de OD in 1944 met de Binnenlandse Strijdkrachten (BS) samensmolt tot OD/BS, werd Van Renterghem chef-staf over het OD/BS Gewest 10-Z (Amsterdam-Zuid) onder majoor J.H. Claus en commandant BS Amsterdam C.F. Overhoff.

Van Renterghem was samen met Fritz Kahlenberg initiatiefnemer van de verzetsgroep "Nederland Archief." De groep legde zich voornamelijk toe op het documenteren van de bezetting van Nederland door de Duitsers. Op de dag dat de geallieerde Amsterdam binnentrokken organiseerde hij een illegale tentoonstelling "De ondergedoken camera".

Tonny van Renterghem met zijn wapen in zijn jas verborgen

Hij en zijn ouders waren betrokken bij de hulp aan Joden. Toen alle Joden uit Amsterdam op transport moesten naar Westerbork, spoorde hij zijn vrienden Eduard en Arthur Gerzon aan onder te duiken. Arthurs vriendin was reeds in Westerbork en Arthur wilde zich daar bij haar voegen. Eduard en zijn vriendin gingen naar het huis van Tonny's ouders en vluchtten van daaruit naar BelgiŽ. Eduard werd gered, van Arthur werd niets meer vernomen.

Enige tijd later regelden Tonny en zijn ouders dat Eduards moeder, Anne Gerzon van Buuren en zijn grootmoeder een schuilplaats en rantsoenkaarten kregen. De Rentergehms hebben ook George Falck, de heer Moses, dhr. en mevr. Salomon en de oude voddenman, Jaapie Buitenkant geholpen. Jaapie overleefde de oorlog niet. Hij had goud en zilver aan Tonny in bewaring gegeven, die dit na de oorlog aan de nabestaanden van Jaapie heeft overgedragen.

Tonny speelde een belangrijke rol bij de redding van een pasgeboren baby. De president van de Cinestone Filmstudio's, Rudi Meyer, was Joods en met een niet-Joods meisje getrouwd. Zij waren door de Duitsers ingedeeld in de categorie "gemengd gehuwd zonder kinderen". Dat betekende dat zij tot de wetswijziging van 1944 redelijk veilig waren. Na de wetswijziging bood die status geen bescherming meer. Tonny bood op dat moment hulp aan een Joods echtpaar dat was ondergedoken en waarvan de vrouw aan het bevallen was. De pasgeboren baby kon onmogelijk op het onderduikadres worden ondergebracht en Tonny zorgde ervoor dat de baby werd ingeschreven als kind van Rudi Meyer, waardoor zij in de categorie "gemengd gehuwd met kinderen" vielen en daardoor wederom voor deportatie werden behoed. De ouders van het pasgeboren meisje bleken na de oorlog te zijn vermoord en het meisje bleef bij haar pleegouders.

In 1948 emigreerde Tonny van Renterghem naar het zuiden van CaliforniŽ in de Verenigde Staten, waar hij werkte als schrijver, cameraman, adviseur en assistent van de regisseur George Stevens Sr., die o.a. een film over het dagboek van Anne Frank maakte. Hij werd in Hollywood topadviseur op technisch en historisch gebied en werkte als zodanig aan de film The Diary of Anne Frank; Jesus of Nazareth, die 30 miljoen dollar kostte en het filmepos waarin vele beroemde sterren schitterden The Greatest Story Ever Told, waarvoor hij vier jaar historisch onderzoek deed.

Hij hielp het onderzoekscentrum van Simon Wiesenthal met de naspeuringen naar de beruchte nazi-misdadiger Josef Mengele. Hij was pro bono research directeur voor de stichting C.A.N.D.L.E.S, (Children of Auschwitz Nazi Deadly Lab Experiment Survivors) gewijd aan de overlevenden van de experimenten met tweelingen in Auschwitz van dr. Josef Mengele. Hij was medeoprichter en eerste directeur van "Bud Day Chapter 108, Northern Arizona Veterans for Peace" en hij was medeoprichter van de "North Olympic Peninsula Chapter of Veterans for Peace". Renterghem is getrouwd met de Amerikaanse schrijfster, actrice, zangeres en presentatrice Susanne Severeid, met wie hij tussen 1990 en 2000 in Zandvoort woonde en daarna weer in de Verenigde Staten. Tonny van Renterghem publiceerde in 1995 "When Santa was a Shaman - The Ancient Origins of Santa Claus and the Christmas Tree" bij Llewellyn Publications.


In 1996 verscheen het boek ook in het Nederlands bij Uitgeverij Kosmos onder de titel "Het geheim van Sinterklaas en de Kerstman". Het is tevens in een aantal andere talen vertaald. In 2010 zullen de memoires van Van Renterghem - met de nadruk op de Tweede Wereldoorlog gepubliceerd worden bij Uitgeverij Conserve in "De laatste huzaar".

Net na het voltooien van het manuscript overleed hij op 19 juli 2009 in zijn slaap op negentigjarige leeftijd in zijn huis in Sequim, Verenigde Staten met zijn vrouw aan zijn zijde. Hij laat Susanne Severeid, met wie hij 34 jaar samen was en hun zoon Pablo achter.

Tonny ontving diverse Nederlandse onderscheidingen, zoals het Oorlogsherinneringskruis, het Verzetsherdenkingskruis, het Mobilisatie-Oorlogskruis en het Herinneringsinsigne Binnenlandse Strijdkrachten. Op 23 december 1987 werd Tonny door Yad Vashem erkend als "Righteous among the Nations" en ontving de daarbij behorende versierselen.

Tonny van Renterghem met versierselen die getuigen van zijn verzetsdaden
Foto:  Susanne Severeid


Op 23 Juli 2009 publiceerde het Haarlems Dagblad een indrukwekkend eerbetoon aan deze verzetsheld:

"Sommige mensen staan zonder er veel voor te hoeven doen ineens in de spotlights van de geschiedenis. Maar bij verzetsstrijder, schrijver en fotograaf Tony van Renterghem is dat niet het geval. Van Renterghem, die in de jaren negentig van de vorige eeuw in Zandvoort woonde, is op 19 juli overleden in de VS.

Van Renterghem mag rustig een man van het formaat van Erik Hazelhoff Roelfzema worden genoemd, alleen kwam hij niet dagelijks op de borrel bij Prins Bernhard, zodat de camera's van de pers wat minder op hem waren gericht. Tony van Renterghem, die in 1919 in Amsterdam werd geboren, was tijdens de Duitse aanval kornet en commandant van het Regiment Huzaren Motorrijder. Hij voerde zijn peloton aan in man-tot-mangevechten met de Duitse parachutisten in Den Haag. Na de capitulatie ging Van Renterghem in het verzet. Hij gebruikte daar verschillende schuilnamen. In de beeldbank van het Nationaal Archief en dat van het NIOD zien we hem met een stengun in een trapgat staan. Een knappe jongeman, die onverschrokken de lens in kijkt. Op een andere foto zien we hem overleggen met de Stormgroep Amsterdam-Zuid, waar hij deel van uit maakte. De leden ervan zitten gebogen over een landkaart waarop een revolver ligt. Naast van Renterghem, die gedistingeerd gekleed is, zit Leo Horn, die later bekend zou worden als de karakteristieke voetbalscheidsrechter tegen wie je echt geen 'hondelul' moest roepen, want dan had je een klap voor je kanis te pakken.

Bij het NIOD ligt een dagboek van Tony van Renterghem dat is gemaakt in 1994. Van Renterghem vertelt hoe hij als militair op de avond van de 9de mei 1940 gekleed ging slapen. Hij raakte slaags met Duitse parachutisten maar al snel capituleerde Nederland. Bijna al het materieel, motorfietsen en auto's, werd met benzine overgoten en op het Malieveld in Den Haag in brand gestoken opdat het niet in handen van de Duitsers zouden vallen. Jonkheer Teding van Berkhout weigerde zijn wapens in te leveren en moest dit met de dood bekopen.

Na de oorlog stortte Tony van Renterghem zich in Hollywood in de filmbusiness. Hij adviseerde de beroemde regisseur George Stevens bij het maken van diens film over Anne Frank; hij kende de steegjes en straten in Amsterdam goed en wist hoe het daar in die onheilspellende dagen aan toe was gegaan. Hij hielp Simon Wiesenthal met het onderzoek naar dr. Josef Mengele. Met de schrijfster Susanne Severeid, met wie hij een zoon had (Pablo), woonde hij tussen 1990 en 2000 in Zandvoort en daarna weer in de Verenigde Staten. Zelf heeft Van Renterghem ook een groot aantal boeken op zijn naam staan. In 2010 zullen de memoires van hem worden uitgegeven bij Uitgeverij Conserve. Hij overleed in zijn slaap, thuis in Sequim in de VS, met zijn vrouw Susanne aan zijn zijde. Wij groeten deze strijder van het eerste uur, deze verzetsman met pochet".


Dit artikel kwam tot stand met de vriendelijke medewerking en van Pauline Wesselink






©
Copyright Sion 2002 - 2013

 






 Contact

 Credits

Gastenboek

 Disclaimer

 Home